De Telegraaf – Alarm om veel te veel stress op werkvloer

De Telegraaf 
Alarm om veel te veel stress op werkvloer

25 september 2018 

Amsterdam – Werknemers krijgen er zoveel taken bij op de werkvloer dat ze het niet meer kunnen bijbenen. De toegenomen werkdruk leidt al jaren tot meer uitval en ziekteverzuim.

Werkgevers, vakbonden en deskundigen luiden de noodklok en constateren dat de werkdruk sinds 2013 fors is toegenomen. Uit cijfers van onderzoekbureau TNO blijkt dat ongeveer 16% van de werknemers in ons land last heeft van burn-outklachten als gevolg van een te hoge werkdruk. Het gemiddelde verzuim ligt op jaarbasis op zeven dagen.

Voor vakbonden en werkgevers vormt werkdruk een van de belangrijkste thema’s tijdens de verschillende cao-onderhandelingen. In de logistiek zijn er bijvoorbeeld afspraken gemaakt om meer mensen aan te nemen, terwijl er in het onderwijs onderzoek wordt gedaan naar de mechanismen die hoge werkdruk veroorzaken. De particuliere beveiligers wisten vorige week na maandenlang actievoeren een kortere werkweek af te dwingen en voor het personeel in de academische ziekenhuizen staat dit probleem ook hoog op de agenda.

Volgens FNV zijn er dit jaar in 82 van de in totaal 136 cao’s die de vakbond heeft afgesloten afspraken gemaakt om de werkdruk te verminderen.

In nog eens 51 cao’s wordt onderzoek gedaan waar de problemen vandaan komen.

 

Bron: De Telegraaf 

NRC.nl – Zo werkt je gestresste brein

NRC.nl 
Zo werkt je gestresste brein

7 september 2018 


Neurowetenschap Een beetje spanning hoort erbij, maar chronische stress kan het brein ernstig ontregelen. Het lukt dan niet meer om de stresshormonen naar het rustniveau terug te schroeven.

 

Snibbig reageren op opmerkingen van goedbedoelende collega’s. Aan het einde van een ochtend compleet andere dingen hebben gedaan dan je van plan was. Die belangrijke afspraak straal vergeten. Een onbedaarlijke huilbui – of blinde woede – wanneer iemand op straat je scheldend afsnijdt. Het overkomt ons allemaal wel eens. Maar wie hier vaak last van heeft, kan dat maar beter zien als een waarschuwing van zijn brein. Er staat al te lang te veel druk op de ketel. Er moeten dingen veranderen.

We doen er goed aan naar zulke waarschuwingen te luisteren. Aanhoudende stress knaagt aan ons brein. Het ondermijnt het geheugen, het vermogen om te plannen en beslissen, en om onze emoties onder controle te houden. Een burn-out ligt op de loer, en meer. De volgende mogelijke haltes zijn een angststoornis of depressie. En er zijn steeds meer aanwijzingen dat het de kans op schizofrenie en dementie kan vergroten.

„Stress ervaren we allemaal. Dat hoort nu eenmaal bij het leven”, zegt neuro-endocrinoloog Bruce McEwen. Hij, net tachtig, was de grondlegger van het vakgebied dat de effecten van stresshormonen op onze grijze massa onderzoekt, een halve eeuw geleden. Het wetenschappelijke tijdschrift Frontiers in Neuroendocrinology wijdde in april een complete editie aan ‘stress in het brein’, opgedragen aan hem.

„Stress op zichzelf is ook prima”, zegt hij tijdens een Skype-gesprek vanuit zijn werkkamer aan de Rockefeller Universiteit in New York. „We hebben het juist nodig om te kunnen reageren op situaties die onze aandacht nodig hebben. Om ons te kunnen aanpassen en overleven.” Goede of hanteerbare stress noemt hij dat.


Gezonde stressreactie

Als er iets spannends of naars gebeurt, geeft je brein een seintje aan de bijnieren om eerst adrenaline en niet veel later ook cortisol te maken. Door deze stresshormonen gaan de hartslag, de bloeddruk en de ademhaling omhoog, je bent gefocust en alert. Je onthoudt beter wat er in die periode gebeurt – handig voor als die situatie zich nog een keer voordoet.

Deze reactie is prima om de acute situatie het hoofd te bieden. Als die voorbij is zakken de hoge stresshormoon-pieken weer naar het rustniveau. Cortisol remt zijn eigen productie door in te werken op het brein. Dat is een gezonde stressreactie.

Maar als er steeds maar weer nieuwe nare gebeurtenissen blijven komen, is er te weinig tijd om die stresshormonen naar een normaal niveau te laten zakken. Dan is er sprake van chronische, onbeheersbare stress. ‘Giftige stress’ noemt McEwen die, waarbij het stresssysteem ontspoort. Het brein is dan niet meer in staat om de stresshormonen naar het rustniveau terug te schroeven.

Zulke giftige stress komt zeker niet alleen door ingrijpende gebeurtenissen, zoals een ziekte, een oorlogssituatie, een ongeluk of een sterfgeval, vertelt McEwen. „Wat onze gezondheid pas echt aantast zijn de subtiele, langdurige invloeden vanuit onze omgeving: armoede of verwaarlozing binnen de familie, leven in een vervuilde buurt vol herrie, belastend werk, slecht slapen, eenzaamheid, te veel of te ongezond eten, te weinig bewegen, roken, drinken.”

Eerste waarschuwingssignaal

Vooral drie hersengebieden hebben sterk te lijden van stress. Om te beginnen de prefrontale hersenschors, het gebied pal achter ons voorhoofd waarmee we de regie houden over ons leven – het wordt in managementboeken vaak de CEO van ons brein genoemd. We gebruiken het niet alleen om te plannen, prioriteiten te stellen en de aandacht erbij te houden, maar ook om angst en paniek in toom te houden, verleidingen te weerstaan en adequaat te reageren op onverwachte gebeurtenissen. Voor al die zogeheten executieve functies is dit gebied cruciaal. En het is het eerste gebied dat bij chronische stress steken begint te laten vallen.

„Chronische stress leidt ertoe dat in grote delen van de prefrontale hersenschors de uitlopers van hersencellen, de dendrieten, zich terugtrekken,” zegt McEwen. „Ook de vertakkingen van die uitlopers worden korter of verdwijnen, en daardoor verliezen hersencellen contact met elkaar.” Het gevolg is dat dit hersengebied niet meer goed werkt, en dat resulteert in chaotische plannen, zwalkende emoties en concentratiegebrek.

De Canadese neuropsycholoog Adele Diamond beschouwt haperende executieve functies daarom als de kanarie in de kolenmijn: het eerste waarschuwingssignaal dat je, soms ongemerkt, te veel stress ervaart, bijvoorbeeld door verdriet, eenzaamheid, een lijf dat niet fit is of slaapgebrek.

Onderzoek bij ratten en muizen laat deze schadelijke effecten van stress duidelijk zien. „Maar er zijn genoeg aanwijzingen dat ook bij mensen toxische stress deze effecten heeft,” aldus McEwen. Hij vertelt over geneeskundestudenten die bij de New Yorkse hersenonderzoeker Connor Liston in de hersenscanner moesten nadat ze een maand lang voor een zwaar examen hadden geleerd – „dat was nog maar milde stress”. Bij de studenten die de meeste stress ervoeren, waren er minder werkende verbindingen tussen die onmisbare prefrontale hersenschors en andere hersendelen. „Het goede nieuws: na een maand vakantie waren al deze verbindingen weer hersteld.”

Ook een ander hersengebied, de hippocampus, krimpt op deze manier bij langdurige stress. Het gebied is de spil van ons geheugen, en het reguleert onze stemming en onze reactie op stress. „Proefdieren en mensen die een chronisch slaaptekort hebben, of die depressief zijn, hebben een kleinere hippocampus”, zegt McEwen. Een haperend geheugen is het gevolg, én een haperend herstel van ons lijf na een stressvolle gebeurtenis. Dit hersendeel regelt namelijk ook dat de omhooggeschoten stresshormoonniveaus worden teruggeschroefd. Een ondermijnende vicieuze cirkel is het gevolg.


Gevoelige kindertijd

Vooral hevige stress in de vroege jeugd trekt diepe sporen in de hersenen. Dat blijkt duidelijk uit dieronderzoek, en ook in het mensenbrein zijn er aanwijzingen voor gevonden. „In de kindertijd en de adolescentie ontwikkelt het brein zich snel”, zegt neuropsychologe Anna Tyborowska. „Met name de prefrontale hersenschors, de hippocampus en amygdala ontwikkelen zich sterk in deze periodes. Precies de gebieden die gevoelig zijn voor stress.”

De amygdala is een hersengebiedje zo klein als een amandel, waarmee we gevaar signaleren en ons gedrag daarop aanpassen – meestal met angst of agressie. Die reageert op chronische stress juist andersom: er komen méér uitlopers en vertakkingen aan de hersencellen. Mensen en dieren bij wie dit gebeurt, reageren angstiger of agressiever. Diezelfde amygdala is vaak ook overactief en vergroot bij mensen met een angststoornis of zware depressie.

Tyborowska onderzocht met haar collega’s van de Radboud Universiteit in Nijmegen wat stress in de kindertijd of juist in de puberteit doet met de architectuur van het brein. Op 15 juni publiceerde ze in Scientific Reports de resultaten van haar onderzoek bij 37 kinderen die vanaf de geboorte werden gevolgd. Op MRI hersenscans van deze kinderen, gemaakt toen ze 14 jaar en 17 jaar waren, zag ze duidelijke veranderingen in de hoeveelheid hersencellen (grijze stof) bij kinderen die voor hun vijfde jaar een of meerdere ingrijpende gebeurtenissen hadden meegemaakt, zoals een scheiding, ongeluk, ziekenhuisopname of overlijden.

„We zagen een snellere afname in de grijze stof in de prefrontale hersenschors en de amygdala” zegt Tyborowska. „Die afname is een gezond en normaal proces in de puberteit. Maar stress in de vroege kindertijd lijkt dit te versnellen. Het gevolg is een minder flexibel brein, en dat kan later gevolgen hebben voor de mentale gezondheid.”

Ze keek ook naar de invloed van sociale stress in de puberleeftijd. Alle klasgenoten van de deelnemers moesten aangeven wie in de klas ze het aardigst vonden en wie het minst aardig. Bij scholieren die niet zo aardig werden gevonden, ging de normale, gezonde afname op bepaalde plaatsen in hun hersenen juist minder snel. „Aanhoudende sociale stress tijdens de adolescentie lijkt de normale ontwikkeling te verstoren”, concludeert Tyborowska.


Veranderde hersenen

Stress op jonge leeftijd, net als langdurige stress later in het leven, verandert dus de architectuur van het brein. De grote vraag is wat iemand weerbaar maakt tegen deze invloeden, of juist gevoeliger. En vooral of de schade te keren is. De kwalijke effecten van chronische stress op het brein kunnen lang naijlen.

„De laatste jaren wordt steeds duidelijker dat chronische stress een belangrijke rol speelt in de ontwikkeling van depressie, en waarschijnlijk ook van dementie,” zegt Paul Lucassen, hoogleraar neurobiologie aan de Universiteit van Amsterdam. Bij die aandoeningen, en ook bij angststoornissen en schizofrenie, zien wetenschappers krimp in de prefrontale hersenschors en in de hippocampus, en juist groei van de amygdala, en is er ook een verstoring van de functies van deze hersengebieden. „Met name ingrijpende gebeurtenissen in de jeugd, zoals het verliezen van een ouder of ernstige verwaarlozing, maken iemand kwetsbaar voor depressie. De ontregeling van het stresssysteem is dan ingrijpender en hardnekkiger.”

„Ook komen er steeds meer aanwijzingen dat hevige stress op jonge leeftijd en langdurige stress de kans op dementie verhoogt”, zegt Lucassen. Zijn lab ontdekte iets bijzonders bij speciale muizen, die verschijnselen van de ziekte van Alzheimer krijgen als ze oud zijn. Die muizen maken dan beta-amyloid aan, een eiwit dat klonters vormt, net zoals wat er gebeurt in de hersens van alzheimerpatienten.

Wanneer gewone muizenbaby’s opgroeien in een kale omgeving, verhoogt dat hun stressniveau en krijgen ze later geheugenproblemen. De alzheimer-muizen die op deze stressvolle manier opgroeiden, maakten na een jaar meer van het klonterende eiwit aan en hadden eerder – en grotere – geheugenproblemen dan hun gewone of niet-gestressde soortgenoten. Stress op jonge leeftijd leek bij de muizen de alzheimer te versnellen.

Het verrassende was dat een aantal injecties met een middel dat de werking van stresshormoon blokkeert, niet alleen die klontering van amyloid maar ook de geheugenproblemen van de muizen grotendeels tenietdeed. „Het is een eerste stap, een interessante vinding die we zeker verder gaan uitzoeken, maar het is niet direct vergelijkbaar met de situatie bij mensen”, benadrukt Lucassen.

Let wel, welk effect chronische stress op iemand heeft, hangt van veel factoren af, zegt Lucassen. „Van de genetische aanleg, maar ook van de duur en de intensiteit van de stress, hoe gevoelig iemand ervoor is, en hoeveel controle iemand over de situatie heeft.”

Het is niet bepaald een vrolijke boodschap. Chronische stress en traumatische gebeurtenissen in de jeugd verhogen de kans op depressie, angststoornissen, en waarschijnlijk ook op dementie – je zou er bijna nóg gestressder van raken.


Stevig doorwandelen

Gelukkig wordt ook al wat duidelijker wat we kunnen doen om de slopende effecten op het brein te voorkomen, of om het brein te laten herstellen. Een van de beste, zegt aartsvader McEwen, is bewegen.

„Regelmatig actief zijn stimuleert bij proefdieren de aanmaak van nieuwe hersencellen en uitlopers in de hippocampus. Ook bij mensen zorgt het dat de hippocampus groeit en het geheugen verbetert”, zegt hij. Door lichaamsbeweging worden allerlei groeistoffen in het brein aangemaakt.

McEwen: „Wanneer iemand van 60 jaar of ouder drie keer per week een uur stevig doorwandelt, is na drie maanden niet alleen de gezondheid van hart en bloedvaten beter, maar ook de hippocampus vergroot en het geheugen verbeterd. Ook de executieve functies verbeteren dan, zoals beslissingen nemen. Dat doet vermoeden dat ook de menselijke prefrontale hersenschors er wel bij vaart.”

En er is meer te doen. We kunnen meer bewegen, gezonder eten, voldoende slapen en vaak onze vrienden opzoeken. Een belastende baan of omgeving kunnen we wellicht omruilen voor een die beter bij ons past.

Ook mediteren kan helpen het brein te herstellen, zegt McEwen. „Als mensen piekeren over dingen die ze niet kunnen veranderen, creëren ze interne stress. Mindfulness meditatie leert mensen te stoppen met piekeren.” Het is wel zaak deze dingen in te bouwen in het leven, benadrukt hij. Het herstel kost tijd, maanden, zo niet jaren.

Op akelige gebeurtenissen in het leven hebben we geen invloed. Maar door de stress te beperken op aspecten waarop we wel invloed hebben, houden we ons brein zo weerbaar mogelijk. „Je kunt de klok niet terugdraaien,” zegt McEwen. „Maar zelfs als je een slechte start hebt gehad in je leven, kun je de loop van de ontwikkeling bijsturen.”

Hijzelf haalde de tachtig op een andere manier. „Ik hou van schilderen. Ik ga daar helemaal in op, en dan valt alles weg.”

 

HERSTEL  MANIEREN OM JE BREIN WEERBAAR TE MAKEN

Sporten
Tijdens lichaamsbeweging maakt het brein groeistoffen aan zoals BDNF, zodat zenuwuitlopers en contacten tussen hersencellen kunnen herstellen. Trainen voor een marathon mag, maar is niet nodig. Bij mensen die 
driemaal per week 45 minuten stevig doorwandelen zien wetenschappers al minder krimp in de hippocampus, en verbeterde executieve functies.

Slapen
Chronisch slaaptekort remt de stofwisseling van de prefrontale hersenschors met zijn belangrijke executieve functies. De amygdala reageert dan juist overdreven. Tijdens slaap worden ook afvalstoffen in het brein opgeruimd. 
Gemiddeld hebben we 7 à 8 uur slaap per nacht nodig.

Gezond eten
De stofwisseling kan ontregeld raken door chronische stress, met name de hormonen die een rol spelen bij de bloedsuikerhuishouding, zoals insuline. De bloedsuikerspiegel onder controle houden kan dan helpen. 
Eet zo min mogelijk suiker, beperk koolhydraten en eet niet te vaak om bloedsuikerschommelingen te beperken. Eiwitten en vette vis leveren belangrijke bouwstenen, groenten en fruit belangrijke vitaminen en beschermende antioxidanten.

Mediteren
Mensen die regelmatig mediteren kunnen sneller hun aandacht weer richten nadat ze zijn afgedwaald, ze hebben een beter werkgeheugen, reageren flexibeler op nieuwe dingen, en kunnen beter met emoties omgaan. Het lijkt er dus op dat de executieve functies er beter door worden.

 

 

 

Bron: NRC.nl

GGZnieuws – Regelmatige lichaamsbeweging is ‘het beste voor psychische gezondheid’

GGZnieuws.nl 
Regelmatige lichaamsbeweging is ‘het beste voor psychische gezondheid’

9 augustus 2018 

Regelmatige lichaamsbeweging die drie tot vijf keer per week 45 minuten duurt, kan de slechte psychische gezondheid verminderen – maar meer doen dan dat is niet altijd gunstig, blijkt uit een groot Amerikaans onderzoek. 

In totaal rapporteerden 1,2 miljoen mensen hun activiteiten gedurende een maand en beoordeelden hun psychisch welzijn. Mensen die aan lichaamsbeweging deden hadden  gemiddeld 1,5 minder ‘slechte dagen’ per maand dan niet-sporters, zo bleek uit het onderzoek. Teamsporten, wielrennen en aerobics hadden de grootste positieve invloed.

Alle soorten activiteiten bleken de geestelijke gezondheid te verbeteren, ongeacht de leeftijd of het geslacht van de persoon. Het onderzoek, gepubliceerd in The Lancet Psychiatry Journal, is de grootste in zijn soort tot nu toe, maar het kan niet bevestigen dat fysieke activiteit de oorzaak is van een betere psychische gezondheid.

Eerder onderzoek naar de effecten van lichaamsbeweging op de geestelijke gezondheid heeft gemengde resultaten opgeleverd en sommige studies suggereren dat een gebrek aan activiteit kan leiden tot een slechte geestelijke gezondheid en er ook een symptoom van kan zijn. Het is al duidelijk dat lichaamsbeweging het risico op hartziekten, beroertes en diabetes vermindert.

Volwassenen die aan het onderzoek deelnamen, zeiden dat ze  zich gemiddeld gedurende 3,4 dagen per maand  psychische slecht voelden. Voor degenen die fysiek actief waren, werd dit teruggebracht tot slechts twee dagen.

Onder mensen die eerder een depressie hadden gehad, bleek lichaamsbeweging een groter effect te hebben, resulterend in zeven dagen van slechte geestelijke gezondheid per maand in vergelijking met bijna 11 dagen voor degenen die geen oefeningen deden.

Hoe vaak en hoe lang mensen actief waren, was ook belangrijk. Om de dag 30 tot 60 minuten actief zijn, kwam eruit als het gemiddelde. Maar je kunt  ook te veel bewegen, concludeerde het onderzoek.

Dr. Adam Chekroud, studie auteur en assistent-professor in de psychiatrie aan de Yale University, : “Het is niet zo dat hoe meer je aan lichaamsbeweging doet hoe meer je psychische gezondheid verbeterd. Integendeel. Meer dan 23 keer per maand trainen, of meer dan 90 minuten  per keer, leidt juist tot een   slechtere psychische gezondheid.”

De positieve impact van teamsporten toont aan  dat sociale sportactiviteiten isolement kunnen verminderen en goed zijn voor veerkracht, terwijl ze ook depressies konden verminderen.

Gecompliceerd verband 

De resultaten ondersteunen de richtlijnen van de overheid waarin wordt aanbevolen dat mensen 150 minuten  per week aan lichaamsbeweging moeten doen. Maar het onderzoek heeft enkele beperkingen. Het is gebaseerd op zelfrapportage, wat niet altijd klopt en er is geen manier om fysieke activiteit te meten.

Dr. Dean Burnett, neurowetenschapper en medewerker van de school voor psychologie aan de Universiteit van Cardiff, zei dat het verband tussen lichaamsbeweging en geestelijke gezondheid moeilijk vast te stellen was, maar dit grote onderzoek “aantoont dat er een duidelijk verband bestaat tussen de twee” .

Prof. Stephen Lawrie, hoofd psychiatrie aan de Universiteit van Edinburgh, zei dat het onderzoek aangeeft dat sociale en “bewuste” trainingen vooral goed zijn voor de geestelijke gezondheid – maar niet als het overdreven is.  “Ik vermoed dat we allemaal mensen kennen die ‘verslaafd’ lijken te zijn aan lichaamsbeweging en dit een negatieve invloed heeft op hun sociale activiteiten, omdat ze alleen maar met hun sport bezig zijn “, voegde hij eraan toe.

 

 

Bron: GGZnieuws 

MHS – Samenwerking UWV en MHS – “Werkfit” traject

Merk Hoe Sterk

UWV en MHS werken samen met perspectief 

9 augustus 2018 



UWV Erkenning aan MHS | Merk Hoe Sterk naar het “Werkfit” traject.

Merk Hoe Sterk is dé specialist in vervolgzorg na PTSS-behandeling, op weg naar arbeidsperspectief. Dat wordt ook wel het “Werkfit” traject genoemd, alleen wordt er vaak niet gedacht aan hoe jij in je vel zit op dat moment. Veelal leidt dit tot terugval in een vicieuze cirkel van negatieve mentale en fysieke belemmeringen. Na afsluiting van het pilotjaar van ons “Vervolgzorg” traject is gebleken dat 90% van onze cursisten die zijn teruggekeerd in het arbeidsproces, nog steeds aan het werk zijn. 


Coaching en Training door ervaringsdeskundige professionals.
Merk Hoe Sterk gaat voor kwaliteit en persoonlijke aandacht. Daarom werken wij alleen met in PTSS gespecialiseerde topcoaches- en trainers, die vanuit ervaringsdeskundigheid, werkveldervaring(politie, defensie, brandweer, civiel) hun expertise delen om jou bij te staan in het herstel- en verwerkingsproces op weg naar werk(fit). Zij zijn onze toppers die begrijpen waar jij staat, hoe jij je voelt en wat je nodig hebt om mentaal en fysiek vitaal in balans te staan. In onze interventies, die uit verschillende modules zijn opgebouwd, helpen wij jou o.a. leren om te gaan met je eigen emoties, deze te reduceren en toepassen in soms lastige situaties.


Op welke wijze kun jij deelnemen aan onze “Werkfit” interventie?
Vertrouwen in elkaar is de eerste stap die gemaakt moet worden, daarin is jouw ‘wil’ een must om resultaten te gaan behalen. Tijdens een intakegesprek met jou en de deskundigen van het UWV kijken we met elkaar hoe wij jou kunnen helpen in het herstel en verwerkingsproces. Mogelijk kom je net uit een PTSS behandelcyclus en ben je op dit moment nog niet klaar voor ons Vervolgtraject, dan kan het verstandig zijn om eerst andere stappen te zetten voordat je met ons verder gaat. Als je klaar bent om de eerste stap bij ons te zetten ben je bij ons aan het juiste adres, wij luisteren naar je en doen alles samen met jou, het is jouw traject


Richt Merk Hoe Sterk zich alleen op PTSS?
MHS is gespecialiseerd in de Coaching, Training en Werkfit trajecten van mensen die PTSS hebben of gehad hebben en juist net dat duwtje nodig hebben of de juiste tools om er zelf tegenaan te gaan.  De eerste stap gaat altijd om (h)erkenning en aanvaarding en als dat lukt, maken we samen de volgende stap op weg naar vitaliteit. Wij staan klaar voor jou en jouw directe omgeving. 


Welke diensten kunnen wij aanbieden?
Het UWV kent een drietal types re-integratiediensten voor mensen met een Wajong WGA, ziektewet of ZW-uitkering.

 

1.    De re-integratiedienst “Werkfit” maken van het UWV biedt mogelijkheden om mensen emotioneel, mentaal en fysiek te versterken zodat zij geschikt worden geacht om het werk succes te hervatten.

2.    De re-integratiedienst “Naar werk” is het uiteindelijke doel.

3.    De Re-integratiedienst “Werkfit maken” is voor MHS een eerste prioriteit. Met andere woorden, eerst herstellen en dan naar werk! 

Het UWV zet de re-integratiedienst “Werkfit maken” in om klanten zodanig te versterken dat zij na het succesvol beëindigen van onze mentale en fysieke interventies geschikt zijn om het werk te hervatten. Het gaat om de vitaliteit van de mens, zodat deze klaar is om (betaald) aan het werk te gaan.

De onderdelen waaruit het ‘Werkfit maken’ traject o.a. bestaat zijn:

·         Versterken van mentale en fysieke vaardigheden;

·         Versterken van de werknemersvaardigheden.

·         Verbeteren van de persoonlijke effectiviteit en presentatie.

·         Arbeidsmarktpositie in beeld brengen.


Waarom zou je kiezen voor Merk Hoe Sterk?

1.    Wij begeleiden mensen met de psychofysieke problematiek bij PTSS.

2.    Wij  bieden Coaching en Training door o.a. ervaringsdeskundige specialisten.

3.    Wij luisteren naar je en ondersteunen je op mentaal en fysiek vlak.

4.    Wij leren je om weerbaar en assertief te zijn.

5.    Wij helpen je de balans tussen privé en werk te versterken.

6.    Wij bieden je een uitgebreid netwerk van specialisten om je doelen te behalen.

7.    Wij (her)kennen de complexiteit van PTSS in diverse vormen.

8.    Wij luisteren wél naar jou…

In welke districten van Nederland zijn wij actief?

·         Zuid Nederland

·         Midden Nederland

·         Noord Nederland

·         Oost Nederland

Per district hebben wij een districtsmanager aanwezig die tevens Coach – Trainer is. Dat doen wij om mensen op posities te hebben die direct snappen waar het over gaat en jou begrijpen. Op die manier kunnen wij jou sneller en beter helpen.


Aanmelden bij ons?
Graag zetten wij laagdrempelig in om een wederzijds vertrouwen op te bouwen. Daarom kiezen wij altijd voor een voor jouw vertrouwelijke omgeving voor de intake en verdere interventie.

 

Je kunt je aanmelden via jouw UWV-contactpersoon, geef aan hem/ haar door dat jij geholpen wil worden door Solleveld Consultants BV/Merk Hoe Sterk.

Natuurlijk mag je altijd bellen of mailen naar MHS o.v.v. aanmelding Intakegesprek UWV Werkfit.

 

 

Telefoonnummer: 0252-530 486                                    Email adres: info@merkhoesterk.com

 

VIDEO – Visual Schema Displacement Therapy in vergelijking met EMDR

PSYTREC 

Visual Schema Displacement Therapy in vergelijking met EMDR 

21 juni 2018

 

Een nieuwe vorm van traumabehandeling die Visual Schema Displacement Therapy (VSDT) heet, werd door Ad de Jongh en Suzy Matthijssen naast EMDR gelegd om de verschillen te onderzoeken en effectiviteit te toetsen.

De ontwikkelaars van de therapie (Nik en Eva Speakman) claimen dat VSDT sneller en beter werkt dan andere traumabehandelingen.

In onderstaand filmpje kun je zien tot welke conclusies Ad en Suzy zijn gekomen.

 

Ad de Jongh is gz-psycholoog. Hij is als bijzonder hoogleraar angst- en gedragsstoornissen verbonden aan de Universiteit van Amsterdam, en als honorary professor aan de Salford University en de University of Worcester (UK). Ad maakt onder andere deel uit van de directieraad van de PTSS kliniek PSYTREC, en houdt zich bezig met onderzoek naar de mogelijkheid van evidence based behandelingen van de gevolgen van traumatische gebeurtenissen bij diverse groepen patiënten, waaronder die met ernstige psychiatrische aandoeningen. Hij is (co-)auteur van ruim 300 publicaties over psychologische onderwerpen, waaronder zes boeken.
Suzy Matthijssen is klinisch psycholoog-psychotherapeut, PHD student, cognitief gedragstherapeut, psyhotraumatherapeut, NRGD geregistreerd Pro Justitia rapporteur, EFT therapeut en EMDR Europe practitioner. Ze is werkzaam bij het Altrecht Academisch Angstcentrum, een topklinische afdeling waar patiënten met complexe angststoornissen, dwang en trauma worden behandeld. Ze schrijft Pro Justitia rapportages en is docente bij RINO. Tijdens haar promotietraject welke in samenwerking met de Universiteit Utrecht is opgezet heeft zij onderzoek gedaan naar het optimaliseren van traumabehandelingen. 
Modaliteitsspecifieke belasting bij EMDR is een van de onderwerpen die ze heeft onderzocht. Daarnaast doet ze onderzoek naar een veelbelovende nieuwe vorm van traumabehandeling, Visual Schema Displacement Therapy.

 

Nu.nl – “Zo ga je om met werknemers met psychische klachten”

Nu.nl

‘Zo ga je om met werknemers met psychische klachten”

25 juni 2018 



Verzuim dat meer tijd in beslag neemt dan 42 dagen, is voor een derde toe te schrijven aan een psychische diagnose. En langdurig verzuim is een forse kostenpost voor ondernemers.

Volgens nieuwe cijfers van arbodienstverlener ArboNed is het percentage psychisch verzuim opnieuw licht gestegen. Hoe komt dit en wat kun je er als werkgever aan doen?

“Mogelijke verklaringen zijn de aantrekkende economie en de krapte op de arbeidsmarkt, waardoor de werkdruk toeneemt”, verklaart bedrijfsarts en directeur medische zaken bij ArboNed Truus van Amerongen. “Als die werkdruk toeneemt, kunnen met name mensen die perfectionistisch zijn en een groot verantwoordelijkheidsgevoel hebben daar last van krijgen.”

Volgens Van Amerongen kunnen mensen die overspannen raken wel zo’n vijf tot zes maanden uit de running zijn. Met een burn-out of een depressie kan verzuim zelfs nog een paar maanden langer duren. 

“In 2016 was de gemiddelde duur van psychisch verzuim 202 dagen en vorig jaar 205 dagen”, zegt Van Amerongen.

Meer prikkels

Ook bedrijfspsycholoog Wouter Vrooland van Werkpsycholoog signaleert een toename van stressgerelateerde klachten. “We maken ons drukker op allerlei manieren en zijn veel meer bezig met ons hoofd. We krijgen meer prikkels, werken flexibeler en daardoor vaak meer en we verwachten meer van onszelf.”

Volgens Vrooland zijn er verschillende signalen waaraan je als baas kunt merken dat het een medewerker te veel wordt. “Het geheugen en concentratievermogen gaan achteruit. Deze mensen vergeten kleine dingetjes, luisteren niet meer goed, kunnen soms niet meer op simpele woorden komen. De hersenen zijn dan overbelast.”

Bedrijfsarts Van Amerongen wijst erop dat mensen vaak ook prikkelbaar worden en een kort lontje krijgen. “Ze zien er moe uit, worden cynisch, verzuimen vaker een dagje.”

Bij psychisch verzuim is werk vaak een factor, maar soms gaat het ook om een combinatie van factoren. “Je kunt bijvoorbeeld denken aan een mantelzorgrol”, stipt Van Amerongen aan. “Onder parttime werkende vrouwen ligt het verzuim het hoogst. Zij hebben toch vaak een groter aandeel in de zorg voor het huis, de kinderen en de ouders.”

“Ga met zo’n werknemer om tafel, misschien kun je het tij nog keren. Neem wat taken weg, adviseer iemand om er een lang weekend op uit te gaan. Kijk niet alleen naar de werkdruk, maar ook naar het plezier dat iemand eventueel uit bepaalde taken haalt.”

Gêne

Volgens psycholoog Vrooland verschilt het per persoon of mensen met psychische problemen blijven werken of niet. “In het begin gaan ze gewoon door. Dat komt doordat je niet zo snel doorhebt dat je psychische problemen hebt. Ook is het iets dat je niet snel wilt toegeven, ook door gêne. Na die eerste fase zijn de verschillen groot. Sommige mensen blijven gewoon doorgaan, anderen worden volledig uitgeschakeld.”

Als werkgever hoor je een werknemer met psychische klachten naar de bedrijfsarts te sturen. “Je mag als werkgever volgens de arbowetgeving niet vragen naar ziekte en de oorzaak daarvan”, zegt Vrooland. “Maar je kunt wel netjes informeren of je ergens mee kunt helpen. Zo ontwikkelt zich misschien een gesprek en kun je helpen problemen op te lossen of kleiner te maken.”

“Medewerkers vinden begrip en belangstelling vaak fijn. Maar je moet wel voorzichtig zijn en voorkomen dat de werknemer zich onder druk gezet voelt. Het beste is als de werknemer zelf op de werkgever afstapt om afspraken te maken”, aldus Vrooland.

“Regel een afspraak met de bedrijfsarts en zorg dat de werknemer zo snel mogelijk goede hulp krijgt”, zegt bedrijfsarts Van Amerongen. “Een snelle interventie kan drie tot vier weken aan verzuim besparen. Schakel als werkgever zelf een psycholoog in en betaal die ook. Anders komt de werknemer terecht in de reguliere zorg, waar hij of zij met wachtlijsten te maken krijgt. De kosten die je dan als werkgever maakt, verdien je terug doordat de werknemer eerder weer aan de slag kan.”

Houd contact

Werknemers die thuis komen te zitten, moet je de ruimte geven om te herstellen, maar houd wel altijd contact. 

“Als het herstel op gang is gekomen, kun je als werkgever vragen: waar ben je nu tegenaan gelopen?” tipt Van Amerongen. “Zorg bij hervatting van de werkzaamheden voor aangepaste taken en maak een opbouwschema.”

De werknemer zelf kan volgens bedrijfspsycholoog Vrooland het herstel bevorderen door veranderingen in tempo en de mate van belasting in zijn leven aan te brengen. “Het gaat om de balans tussen inspanning en ontspanning. Zorg ervoor dat je iedere dag meer energie binnenkrijgt, dan je besteedt. Doe na elke inspanning iets aan ontspanning.”

Voor de tv hangen of facebooken om te ontspannen, is volgens de psycholoog geen goed idee. “Maar bijvoorbeeld gewoon zitten niksen of lezen, een ontspanningsoefening of een dutje doen wel. Herstel en begin dan pas aan de volgende taak.”

 

Werkgevers zouden in het algemeen de werkomgeving die zij bieden eens goed kunnen bekijken. “Pauzeren de mensen wel goed, hebben ze voldoende afwisseling of zitten ze de hele dag naar een scherm te kijken? Krijgen ze te veel prikkels, bijvoorbeeld in kantoortuinen? Maar de ideale werkomgeving is wel voor iedereen anders”, concludeert Vrooland.

 

 

Bron: NU.nl

Nu.nl – ‘Toename mentale druk op jongeren vormt bedreiging voor hun gezondheid’

Nu.nl
‘Toename mentale druk op jongeren vormt bedreiging voor hun gezondheid’

19 juni 2018 


Het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) waarschuwt dat de mentale druk op jongeren en jongvolwassenen zo hard toeneemt, dat hun gezondheid eronder dreigt te lijden.

Volgens het instituut krijgen jonge generaties vanuit meerdere kanten te maken met stressfactoren, schrijft de Volkskrant op basis van een RIVM-rapport dat dinsdag verschijnt.

Zo ervaren studenten een hogere druk om te presteren. Dat komt niet alleen door het bindend studieadvies, maar ook door het afschaffen van de basisbeurs. Daardoor nemen meer studenten naast hun studie een bijbaan.

Jongvolwassenen met een baan krijgen te maken met een 24 uurseconomie die steeds sneller draait. Doordat vaker wordt gewerkt met flexibele krachten, brengt dit onzekerheid met zich mee. 

Daarnaast verwacht het RIVM dat door de vergrijzing jongere generaties in de toekomst sneller de rol van mantelzorger op zich zullen nemen.

Ook wonen jongeren vaker in de stad, waar ze te maken krijgen met de negatieve gevolgen van geluidsoverlast en het gebrek aan groen en water. Tot slot kan de druk om constant gezien te worden op sociale media voor stressymptonen zorgen.

 

 

Bron: NU.nl

de Volkskrant – Schizofreniepatiënten krijgen kickboksles om minder kwetsbaar te worden

de Volkskrant
Schizofreniepatiënten krijgen kickboksles om minder kwetsbaar te worden

Maurice Timmermans 8 juni 2018 

Patiënten met een psychotische stoornis zijn bovengemiddeld vaak slachtoffer van geweld. Ggz-instellingen experimenteren met kickbokstrainingen om hen weerbaarder te maken. 

Met de bokshandschoenen voor haar gezicht stapt Anna Derksen naar achteren totdat ze met de hakken de plint aantikt. Haar brede glimlach is verdwenen. Ze ziet op tegen deze oefening, die op het krijtbord een paar meter verderop droogjes staat aangeduid als ‘rug tegen muur’.

Trainer Bryan Yorks is pal tegenover haar gaan staan. ‘Laat op tijd weten als het je te veel wordt’, zegt deze kale, atletische man die kickbokst vanaf zijn 14de. Dan valt hij aan met een zijdelingse rechtse op het hoofd. Derksen pareert. Daarna volgt een linkse, dan een opwaartse stoot. Yorks schroeft langzaam het tempo op en slaat steeds harder. Rechts, links, opwaarts. De vrouw weert zich kranig maar voelt al snel dat de grens is bereikt.

‘STOP.’

Deze vechtscène speelt zich niet af in een louche sportschool maar in het Jelgerhuis in Leeuwarden, een locatie van GGZ Friesland. Derksen lijdt aan een psychotische stoornis, Yorks heeft eveneens een psychiatrisch verleden en werkt nu als ervaringsdeskundige.

Wetenschappelijk experiment

De kickbokstraining maakt deel uit van een wetenschappelijk experiment waaraan zeven GGZ-instellingen meedoen. De vraag is: kan kickboksen voorkomen dat patiënten met een psychotische stoornis (waaronder schizofrenie) zo vaak het mikpunt van agressie worden? Ja, u leest het goed: anders dan de Breiviks (doodde in een schietpartij en bomaanslag 77 mensen) en Bart van U.’s (vermoordde oud-minister Els Borst en zijn zus) van deze wereld lijken te suggereren, zijn deze patiënten veel vaker slachtoffer dan dader.

Vier keer zo vaak als de gemiddelde Nederlander, zegt Bertine de Vries, promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen. ‘Van de 120 patiënten die aan ons onderzoek meedoen, blijkt de helft in het jaar daarvoor beroofd, mishandeld, seksueel misbruikt, of met de dood bedreigd.’

Anders dan de onderzoekers vooraf vermoedden, gebeurt dat vooral thuis, zegt Marieke Pijnenborg, RUG-hoogleraar klinische psychologie. ‘We dachten dat patiënten zich op straat vreemd gedragen en daarmee de agressie wekken van voorbijgangers. Maar meestal zijn het vrienden, ex-geliefden of bekenden uit de kroeg, die binnenshuis over de schreef gaan.’

Makkelijke prooi

Patiënten met een psychotische stoornis blijken een makkelijke prooi. Pijnenborg: ‘Ze voelen zich vaak vervreemd van de werkelijkheid, angstig, minderwaardig, gestigmatiseerd en zijn daardoor minder weerbaar. Op de kickbokstraining, niet te verwarren met een zelfverdedigingscursus, leren ze om voor zichzelf op te komen, om hun grenzen te bewaken. Dat is ook het doel van de oefening rug tegen muur, waarbij ze aan de bel moeten trekken voordat de spanning oploopt.’

Sommige patiënten kunnen zich ook nog eens moeilijk inleven in anderen en lezen andermans gedrag verkeerd, zegt De Vries, zelf geschoold in jiujitsu. ‘Dat komt bij psychotische stoornissen vaker voor en kan een bron van misverstanden en conflicten zijn. In de training komt het lezen van gedrag ruim aan bod. Vechtsporten zijn daar geknipt voor, omdat je de ander voortdurend in het vizier houdt en de lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen moet peilen.’

Het kickboksen staat niet op zichzelf, maar is ingebed in wat hulpverleners psychomotorische therapie noemen. Kort door de bocht komt dat neer op: niet praten, maar doen en ervaren. Oftewel via lichamelijke oefeningen en beweging zichzelf beter leren kennen, wat de omgang met anderen versoepelt en de klachten kan verlichten.

In het najaar zal blijken of de patiënten inderdaad sterker in hun schoenen staan en bedreigende situaties en gedrag beter kunnen inschatten. De onderzoekers meten dat via vragenlijsten die de deelnemers nog drie jaar lang krijgen voorgeschoteld. Bij 41 patiënten zijn er hersenscans gemaakt, die collega-onderzoeker Elise van der Stouwe analyseert. Voor en na de twintig trainingssessies meet Van der Stouwe de activiteit in de amygdala, waar emoties als angst worden verwerkt. Na afloop zou deze amandelkern minder actief moeten zijn dan in het begin.

Waarom eigenlijk gekozen voor een vechtsport met een niet bepaald glanzende reputatie? Omdat de technieken voor iedereen te leren zijn, ook als de lichamelijke conditie beneden peil is, aldus het vakartikel. ‘Aanvankelijk kregen we daar veel vragen over’, zegt Pijnenborg. ‘Ook van subsidiegevers, want intussen was Badr Hari elke dag in het nieuws vanwege mishandelingen. Nogal onhandig, maar inmiddels is de reputatie van deze sport volgens mij sterk verbeterd. We krijgen er in ieder geval minder vragen over.’

‘Ik bevroor en liet het gebeuren’

Marja Krijnen was begin 20 toen ze geleidelijk wegdreef van de realiteit. Onder druk van studie en familieproblemen begon ze stemmen te horen, zag ze mensen die er niet waren en raakte ze in de ban van bizarre details, zoals van teksten op auto’s als ‘Reparatiebedrijf Jansen & Jansen’. Ze werd eenzamer, ongelukkiger en leefde meer en meer in een eigen wereld.

‘Ik voelde me heel kwetsbaar’, zegt Krijnen, nu in de 40. ‘Je schat situaties verkeerd in en komt nauwelijks voor jezelf op. En dat straalt op één of andere manier van je af, je bent vleugellam voor iedereen die kwaad in de zin heeft. Om de stemmen te ontvluchten, nam ik soms lukraak een trein, zonder de praktische consequenties te overzien. Eén keer strandde ik ’s nachts op het station in Brussel, een vreselijke sfeer, ik ben daar aangerand. Een andere keer, in Parijs, liep ik in een winkelstraat, toen een man me bij m’n arm greep en me een hotel in sleurde. Ik bevroor en liet het allemaal gebeuren. Ik heb daarna geen aangifte gedaan van seksueel misbruik. De grens tussen normaal en abnormaal was ik uit het oog verloren.’

Niet lang daarna vond ze op een ochtend een baksteen in de woonkamer, de ruit compleet aan diggelen. ‘Ik weet niet zeker of die steen voor mij persoonlijk was bedoeld, maar een normaal mens zou de politie hebben gebeld en daarna een glaszetter. Maar dat lukte mij allemaal niet. Het eerste wat ik dacht was: wegwezen hier, ik trok de voordeur achter me dicht en ging naar mijn moeder.’

Over al deze incidenten sprak ze met niemand. ‘Uit schaamte, denk ik, en om de schone schijn op te houden. Niemand mocht in de gaten krijgen dat het slecht met me ging, want dan moest ik zelf ook erkennen dat mijn leven in puin lag.’

De namen van Anna Derksen en Marja Krijnen zijn uit privacy-overwegingen gefingeerd .

 

 

Bron: deVolkskrant

 

 

Blog 2 – De aard van het beestje – Joëlle

Blog  2 – De aard van het beestje

14 juni 2018 – Joëlle van Maasdam

 

Nu zat ik dus van de week bij de kapster en toen hadden we het over feestjes en de mensen die dan dronken om je nek gaan hangen. We kennen er allemaal wel één of meerdere. Nu kan ik daar persoonlijk niet zo heel goed tegen want als mensen anders doen dan normaal voel ik mij altijd een beetje ongemakkelijk. Ik heb liever dat ze gewoon zichzelf zijn. Maar toen zei mijn kapster; ‘ja, of dan zijn ze misschien wel juist zichzelf’. Nou daar had ze dus wel een puntje.

Want ik denk dat wij dit ook allemaal herkennen, je denkt iemand te kennen maar dan opeens komt ‘de ware aard van het beestje’ naar boven. Dat kan heel leuk zijn, want iemand blijkt opeens heel spontaan te zijn en je prettig te verrassen met zijn of haar gekke gedrag. Of iemand blijkt écht gek te zijn en je denkt hoe hebben wij ooit vrienden kunnen zijn. De iets minder prettige verrassing zeg maar.
Oeh en wat kan dat ontzettend pijnlijk zijn. Je vertrouwd de ander, je hebt soms al jaren een diep contact en dan laten ze je van de één op de ander dag zitten. Of het sluipt er langzaam in, iemand begint steeds onaangenamer gedrag te vertonen en je moet op een dag zelf de beslissing nemen om iemand uit je leven te laten gaan. Hoe dan ook, niet leuk! 
En die tijd samen was dat dan allemaal een leugen? Al die leuke momenten, die ‘pijn in je buik van het lachen momenten’. Of de momenten dat je heel verdrietig was en die ander je er door heen sleepte, maar ook dat je gewoon gezellig bij elkaar was volkomen op je gemak bij elkaar, genietend van de gewone vriendschap, het bijzondere in het gewone. Was dat dan allemaal maar nep? Een gemeen spel? 


Ik denk dat er verschillende verklaringen voor zijn. Sommige mensen zijn gewoon gemeen, vaak vanuit hun eigen pijn ontstaan of door psychische aandoeningen. Maar het kan ook zijn dat jij het slachtoffer bent van zo’n verandering die plaats vindt tijdens jullie vriendschap. Iemand kan de keuze maken om ‘alleen maar voor zichzelf te kiezen’ en daarin zo ver gaan dat ze geen rekening meer gaan houden met wat die keuze voor de ander inhoudt.

Wat de reden ook mag zijn het is gewoon *(…) en het kan je ontzettend verdrietig maken.

Maar hoe dan verder? Mag ik een beetje delen over hoe ik daar nu mee omga? Zo niet dan moet je nu dus stoppen met lezen 😉
De pijn, die laat ik zijn, je hebt een verlies geleden en die moet je simpelweg verwerken, als je dit wegschuift bijt het je een keer in je kont en word jij misschien op een dag wel die persoon die een ander kwetst voor wat een ander jou ooit heeft aangedaan.
En de herinneringen? Die koester ik, misschien heeft het allemaal nooit wat voor iemand betekend, misschien wel, of misschien zelfs wel meer dan dat jij, je ooit in kan denken ondanks het gedrag van diegene. In ieder geval heeft het iets voor jou betekend en dat mag zijn plek hebben. Je was toen erg gelukkig, je hebt mooie tijden gehad en laat dat maar gewoon bestaan, het mag er gewoon zijn.

Maar dan heb je natuurlijk nog die persoon wat moet je daar nou weer mee… Ik denk dat ook daar niet een éénduidig antwoord op gegeven kan worden. Wat wel heel belangrijk is, is als jij lichamelijke of geestelijke mishandeling hebt ondergaan, blijf dan heel ver bij die persoon vandaan. Ook al kies je er bijvoorbeeld voor om die persoon te vergeven, laat diegene niet meer dichtbij, hij of zij is een gevaar en heeft geen enkel recht om jou zo te behandelen en jij mag jezelf echt beschermen tegen het kwaad van die ander. Als je gebeten bent door een tijger, kun je die tijger vergeven voor wat hij heeft gedaan, maar het zou niet zo slim zijn om dan vervolgens weer die kooi in te stappen van de tijger, want ook al heb jij hem vergeven, de tijger zal toch echt zijn natuur volgen en jou als een lekker hapje in zijn poten verwelkomen.

En verder, mijn motto blijft; ‘Kill them with kindness’. Zonder aan de pijn voorbij te gaan, kies ik ervoor om mijn gedrag niet te laten beïnvloeden door die ander. Ik wil die persoon zijn die het verschil maakt, die liefde in de wereld brengt in plaats van haat. Diegene mag lekker op zijn eigen eilandje zitten van egoïsme, haat en lelijkheid maar ik ga daar niet bij zitten. Ik wil de keuze maken om mij te laten leiden door vreugde en vrede en ik hoop dat die ander ook ooit die weg mag gaan vinden in plaats van op dat stink eiland te blijven zitten.  

Gebruik de pijn om te groeien! Laat het kwaad niet overwinnen, blijf vechten voor je eigen geluk, zonder het geluk van de ander te stelen.

Yes we can!

 

Veel liefs, 

 *Een woord dat ik niet mag zeggen van mijn moeder

 

Blog 1 – Positive Writing – Joëlle

Blog  1 – Positive writing

7 juni 2018 – Joëlle van Maasdam

 

Positief denken, man, man, man wat kan dat soms moeilijk zijn. 

Soms gebeuren er gewoon echt hele vervelende, ‘ik vind dit echt even niet zo leuk’ dingen. En dan positief denken? ‘Tjakka’  was het toch?

Ik weet waar ik het over heb, ik ben gewoon toch stiekem een beetje een ‘glas is half leeg typje’ van nature. Niet over anderen hoor, ik kan mij eigenlijk altijd heel goed inleven in anderen en hun situaties. Maar mijn eigen situaties en gevoelens zijn dan weer een ander verhaal.

Om eerlijk te zijn, dat hou je gewoon niet zo lang vol. Als je een vervuld leven wil leiden dan moet je echt leren kijken en luisteren naar het goede in de wereld. Vooral als die wereld heel veel lelijke dingen roept en laat zien. Maar ja, dan besluiten dat je positiever wil denken en dat dan ook daadwerkelijk doen, dat is toch echt wel een dingetje. Een verandering in je denken is een proces en je kan jammer genoeg niet even de instellingen veranderen.
Maar ik heb het geheim gevonden! Oké, ik zal het vertellen máár dan moeten jullie wel beloven dat jullie het aan iedereen doorvertellen! Hier komt het… dankbaarheid!
Iemand voor mij had dit geheim al ontdekt en heeft hier een heel mooi boek over geschreven. Dat boek kwam gelukkig op mijn pad.
Zo simpel, maar zo effectief!
Maar eerst wil ik vertellen over hoe de schrijfster (Ann), tot het schrijven van dit boek is gekomen.
Ann’s allereerste herinnering is de dood van haar zus, die voor haar huis, voor haar ogen, werd aangereden door een vrachtwagen. De moeder van Ann wordt opgenomen in een psychiatrisch centrum en Ann is nooit meer dezelfde. Als zij dan als volwassene de dood meemaakt van haar twee neefjes, de kinderen van haar zwager, komt ze op een keerpunt. Zij moet weer vreugde vinden in haar leven wat doordrenkt is van leed en verdriet. Niet langer overleven maar leven. Maar hoe?

Ann besluit dat zij elke dag gaat schrijven waar zij dankbaar voor is totdat zij duizend dingen heeft opgeschreven waar zij dankbaar voor is.
En in die dankbaarheid vindt ze haar vreugde terug! Als zij dan eenmaal aan de duizendmaal dank is gekomen gaat ze verder met schrijven want dit wil zij niet meer loslaten. De dankbaarheid is haar zuurstof geworden voor een vreugdevol leven.

Dat ging ik natuurlijk ook uitproberen! Dat wilde ik ook! Elke ochtend begon ik mijn dag met 3 dingen opschrijven waar ik dankbaar voor was. Bijvoorbeeld mijn lekkere warme bedje, ow en mijn douche, ik hou zoveel van mijn douche! Of de hond die mij ’s ochtends komt begroeten, mijn eigen “groupie” waardoor ik mij meteen in de ochtend al een superster voel. En zo kwamen er nog meer dingen waar ik dankbaar voor was, wat bleek nou, er waren best wel veel dingen waar ik dankbaar voor kon zijn! Wat een eye-opener was dat zeg. En langzaam aan begon het mij van binnen te veranderen en ook al werd mijn glas misschien niet voller, hij werd ook niet leger en op een dag was mijn glas zowaar halfvol!

Nu ga ik hier natuurlijk niet vertellen dat ik geen ‘half leeg’ dagen heb, want dat is gewoon niet waar. Soms zeurt mijn man gewoon te veel, doen de kinderen irritant en wil die geweldige hond van mij niet ophouden met blaffen. Maar die dag daarna begin je weer opnieuw en schrijf je, je nieuwe dankpunten weer op en haal je kracht uit de dankpuntjes van die week daarvoor of de maand daarvoor wanneer je leest over die keer dat je man een roos voor je meenam (zonder dat hij wat goed te maken had 😉 ) Of dat je kip haar eerste ei had gelegd. Dat was dus serieus echt een heel leuk moment!

Ik daag je uit, probeer het! Begin elke dag met drie dingen opschrijven die jou dankbaar maken en wie weet mag ik een keer op jouw ‘dankbaarheidslijstje’ komen staan vanwege mijn ontzettend geweldige eerste blog die ik heb geschreven voor Merk Hoe Sterk.

Veel liefs,