Blog – De goede voornemens van Merk Hoe Sterk

Blog 7 – December 2019

 

De goede voornemens van Merk Hoe Sterk 

 

In deze laatste blog van 2019 blikken we terug op het jaar. Ook nemen we je mee naar volgend jaar. Ben je nieuwsgierig naar onze toekomstplannen? Bij Merk Hoe Sterk zitten we niet stil. We zijn continu bezig onze dienstverlening te versterken, zodat cliënten na de behandeling van PTSS, depressie of burn-out de nazorg krijgen die ze verdienen. Met onze kennis en ervaring op het gebied van verzuim, letselschade en psychische hulpverlening bieden we een voor velen gewenst ‘vangnet’.

 

Hoogtepunten Merk Hoe Sterk

Afgelopen jaar zijn we uitgegroeid naar een krachtig team dat bestaat uit 55 professionals. Ook hebben we een tweede locatie geopend in de Meern. Carel Solleveld (co-founder); ‘In gesprek met relaties mogen we wekelijks complimenten ontvangen over onze expertise. Men is onder indruk van de diverse specialismes die we binnen onze organisatie in huis

hebben. Naast de begeleidingstrajecten voor onze cursisten geven we voorlichting aan organisaties zoals de GGZ en het UWV. Ook zijn we een deskundig gesprekpartner voor behandelaren, verzekeringsartsen en arbodiensten. Ik ben trots op ons team. Het is fantastisch dat we samen op zoveel verschillende terreinen de hulp kunnen bieden die nodig is voor een doelgroep die recht heeft op erkenning.

 

MHS is er voor haar cursisten!

Ook voor onze cursisten hebben we het afgelopen jaar veel kunnen betekenen. Twee van hen delen hun verhaal in deze blog (namen zijn gefingeerd). 

 Lotte; ‘In 2019 heeft MHS het verschil gemaakt voor me. Ik durf nu te zeggen dat ik mijn leven terug heb. En dat is bizar, want 2 jaar geleden leek dat onmogelijk. Maar nu voel ik me goed en durf ik nieuwe stappen te zetten. De basis is sterk. Het voelt fijn om met die sterke basis te beginnen aan 2020. Volgend jaar komen wensen uit waarvan ik nooit had gedacht dat ze zouden uitkomen. We gaan trouwen en verwachten een kindje. Ik voel me zelfverzekerd en gelukkig op dit moment. Het geeft vertrouwen dat ik nu weet hoe ik met tegenslagen om kan gaan. Ja, ik ben klaar voor de toekomst. Dank je wel Carel en de rest van het team. De allerbeste wensen voor jullie!’

 Sander; ‘In eerste instantie hebben Psytrec en MHS me vooral gesteund op het gebied van mijn werk. In 2019 kreeg ik het bericht dat ik mijn baan kon behouden. Dat gaf me veel rust. Dankzij die rust kwam er ruimte vrij om aan de relatie met mijn vrouw te werken. Vanuit MHS heeft Marianne veel voor ons betekend. Daarnaast heb ik vanuit MHS hulp gekregen bij de financiële afhandeling via het schadefonds. In 2020 hoop ik daar een streep onder te mogen zetten! Ook hoop ik volgend jaar mijn werkweek uit te bouwen naar 38 uur. Ik ben blij dat MHS op mijn pad kwam. Het is een waardevol traject voor mezelf en voor de relatie met mijn vrouw.’ Meer ervaringsverhalen vind je op de website.

 

Toekomstplannen Merk Hoe Sterk

Carel: ‘Volgend jaar blijven we de stabiele en kwalitatief sterke organisatie die we zijn. Als specialist op gebied van nazorg na PTSS, depressie en burn-out zijn we er voor onze cursisten. We helpen hen de draad weer op te pakken! In 2020 gaan we ook hun partners voorzien van betere informatie via voorlichtingen. Naast de zorg voor onze cursisten gaan we de landelijke voorlichtingen bij het UWV uitbreiden naar Limburg en Gelderland. Daarnaast gaan we bij gemeentes voorlichting geven over PTSS. We vinden het belangrijk kennis te borgen en te delen. Volgend jaar gaan we samenwerken met een groep psychologen die betrokken is bij de opleiding van onze eigen mensen. In samenwerking gaan we trainingen verzorgen voor verzekeringsartsen, arbeidsdeskundigen en bedrijfsartsen. We zien dat hun kennis op het gebied van PTSS nog beperkt is. De trainingen die we ontwikkelen gaan we koppelen aan jaarlijkse PE-punten.’  

 

Wil je meer weten over de werkwijze en toekomstplannen van Merk Hoe sterk? Neem contact op ons op via 085 – 1306355 of info@merkhoesterk.com

 

 

 

 

De Volkskrant; Een kijkje in het puberbrein

Bron: Volkskrant: https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/een-kijkje-in-het-puberbrein~b1368231/

Neurowetenschapper Sabine Peters doet onderzoek naar het puberbrein: “De mate waarin pubers redelijk nadenken hangt sterk samen met hun motivatie.”

 

 Sabine Peters, universitair docent in Educational Neuroscience aan de Universiteit Leiden en onderzoeker binnen het Brain and Development Research Center, wil even iets rechtzetten: het stereotiepe beeld van de puber als malloot die alleen maar onverstandige dingen doet, klopt niet. “Er zijn genoeg adolescenten die rustig doorgaan met wat ze deden en alleen lichamelijke veranderingen doormaken. Er wordt nogal eens gedacht dat de prefrontale cortex – het rationele deel van de hersenen – bij pubers één groot gat is. Dat is niet zo, alleen is dat hersendeel nog in ontwikkeling. Dit soort bevindingen is ook belangrijk voor bijvoorbeeld het jeugdstrafrecht: moet je een 18-jarige crimineel beschouwen als een volwassene of als iemand die nog volop in ontwikkeling is?”

Gevoelig voor beloning

Wat wel klopt, vertelt Peters, is dat de mate waarin adolescenten redelijk nadenken sterk samenhangt met hun motivatie: een feest organiseren kunnen ze vaak wel, hun huiswerk op tijd af hebben lukt niet. “En dat hangt weer samen met het feit dat pubers erg gevoelig zijn voor beloning: ze zijn veel gemotiveerder om leuke dingen te doen dan dingen waar ze geen zin in hebben of die op de korte termijn weinig opleveren. Op MRI-scans kun je zien dat het striatum, het beloningsgebied in de hersenen, extra activiteit vertoont als je pubers beloont met geld of een compliment. Een beloning geeft de boodschap: je bent op de goede weg. En dat gevoel is belangrijk voor adolescenten, die bezig zijn zich los te maken uit de veilige omgeving van hun ouders en op zoek zijn naar hun eigen, nieuwe omgeving.” Wat ook bij veel pubers in meer of mindere mate voorkomt, volgens Peters, is recalcitrantie.

“De adolescent wil zijn eigen pad kiezen. En dat botst nogal eens met wat ouders willen. Dat heeft te maken met het feit dat de puber de lange termijn vaak minder goed kan overzien doordat de prefrontale cortex nog niet uitontwikkeld is. Ouders zien die langetermijneffecten wel. De puber kiest dus nogal eens voor een paar uur extra doorbrengen met vrienden in plaats van voor zijn huiswerk, terwijl de ouders weten dat goede schoolprestaties belangrijk zijn voor de toekomst.”

Veel steun en onvoorwaardelijke liefde blijven geven helpt, ook al wil de puber het niet altijd. “Help met plannen en toon begrip voor pubergevoeligheden, het gaat over!” is wat Peters aan ouders van pubers wil meegeven.

 

Beeld ONVZ

 

8 feiten over het puberbrein

1.Er zijn drie belangrijke hersenstructuren betrokken bij het pubergedrag. De amygdala regelt de emoties. Het striatum is behalve bij emoties ook betrokken bij motivatie en beloning. De prefrontale cortex stuurt verschillende cognitieve functies en is onderdeel van de rationele hersengebieden.

2.Omdat deze hersengebieden in de puberteit nog niet optimaal communiceren, vertonen pubers vaak extreem en tegenstrijdig gedrag. Zo voelen ze minder remmingen en zoeken risico’s op (zoals veel drinken en sexting). Ook kunnen ze hun emoties minder goed onder controle houden, zijn ze snel afgeleid en hebben ze moeite met plannen. Ze overzien de gevolgen van hun gedrag op de lange termijn minder goed.

3.Egocentrisch gedrag vertonen pubers vooral thuis en niet bij vrienden of op school. Dat komt doordat ze zich thuis geborgen en veilig voelen en zichzelf zijn. Een compliment dus eigenlijk!

4.Tijdens de puberteit verschuift het slaap-waakritme. De puber gaat laat naar bed en staat laat op. Door de groeispurt heeft een puber minimaal 9 uur slaap per nacht nodig. Dat is door de week lastig haalbaar, waardoor de puber in het weekeind vaak extreem lang uitslaapt. Ook wordt het slaaphormoon melatonine bij pubers op een later tijdstip afgegeven dan bij jongere kinderen. Daardoor krijgen ze pas later op de avond slaap en worden ze ook later wakker.

5.Puberteit en adolescentie zijn twee verschillende dingen. De puberteit is de periode waarin kinderen uiterlijk volwassen worden (baard in de keel, schaamhaar), adolescentie duidt de gehele periode van volwassenwording aan. Dus ook de geestelijke veranderingen. De ontwikkeling van de hersenen gaat door tot ten minste het 25ste levensjaar.

6.De puberteit heeft ook positieve kanten: pubers leren snel, komen met ideeën, bedenken oplossingen en komen tot nieuwe inzichten. Als ze gemotiveerd zijn, aangemoedigd worden en de ruimte krijgen, dan kunnen hun talenten tot bloei komen.

7.De puberteit begint onder invloed van hormonen en gaat gepaard met lichamelijke veranderingen. Dit gebeurt bij meisjes gemiddeld tussen de 8 en 13 jaar. Jongens komen meestal zo’n half jaar tot een jaar later in de puberteit.

8.Pubers zetten zich graag af tegen hun ouders door opstandig gedrag, schreeuwen en schelden: hoe harder ze zich afzetten tegen de ouders, hoe beter ze hun ‘ik’ ervaren. Dat afzetten heeft dus een belangrijke functie.

 
 
Bronnen: Eveline Crone, Hersenstichting, Jmouders.nl, ouders.nl, Psychologie Magazine
Bron: Volkskrant

Blog – De invloed van PTSS op eenzaamheid

Blog 6 – november 2019

 

De invloed van PTSS op eenzaamheid

 

Eenzaamheid komt voor bij alle generaties. Soms eenzaam zijn is geen probleem, maar voor mensen die zich dag-in-dag-uit eenzaam voelen is het dat wel. Hun wereld wordt kleiner, waardoor ze op den duur in een isolement terechtkomen. Eenzaamheid kent ernstige gevolgen, denk aan depressie, suïcidale gedachten, verslavingen en andere lichamelijke- en psychische klachten.

 

Uit onderzoek van de Tilburg University blijkt dat mensen met ernstige PTSS-symptomen meer last hebben van eenzaamheid. Zij vormen een risicogroep. Ook bij Merk Hoe Sterk zien we eenzaamheid bij onze cursisten. Over een paar weken begint de decembermaand, een maand die voor mensen die zich eenzaam voelen extra zwaar is. Help elkaar de donkere dagen door met onze tips.

 

Tip 1: ben er voor elkaar

We zien vaak dat mensen met PTSS de neiging hebben zichzelf terug te trekken uit het sociale leven. Dat geeft ze op dat moment een gevoel van veiligheid. Ook zien we dat familie, vrienden en collega’s het moeilijk vinden om over de traumatische gebeurtenis te blijven praten. Het is daarom makkelijker om het onderwerp, en de persoon, te vermijden. Je kunt jezelf voorstellen dat hierdoor eenzaamheid ontstaat en steeds erger wordt. Wees er voor elkaar, ook al is dat soms moeilijk. Ga het niet uit de weg, maar maak juist contact. Laat zien dat je er bent, dat je jouw vriend of collega niet vergeet nu hij of zij het moeilijk heeft. Er simpelweg zijn kan al genoeg zijn!

 

Tip 2: de donkere dagen

In de wintermaanden voelen de dagen zwaarder en eenzamer. Het is vroeg donker buiten en koud. Het is verleidelijk om lekker binnen te blijven. Om weg te kruipen op de bank en series te kijken, maar juist daardoor slaap je vaak slechter. Je krijgt steeds minder energie. Wanneer je de hele dag binnen zit geeft dat juist een somber en eenzaam gevoel. Niemand gezien. Niemand gesproken! Ga daarom naar buiten en doe nieuwe energie op. Loop een blokje om en zeg elkaar gedag. Een eenvoudig goedemorgen of een glimlach, daarmee geef je een ander (en jezelf) een prettig gevoel. Heb je het gevoel dat je de enige bent die zich eenzaam voelt? Er zijn organisaties die je kunnen helpen, die naar je luisteren. Kijk op www.merkhoesterk.com/links/ voor meer info. 

 

Tip 3: geloof niet alles wat je denkt

Het invullen wat een ander denkt. Veel mensen zullen dat herkennen. Je gedachten gaan met je aan de haal ‘hij zal me toch niet leuk vinden’ of ‘zie je wel ze vinden me raar’. Mensen die zich langere tijd eenzaam voelen denken vaak dat ze er niet toe doen. Dat het niemand uitmaakt of ze er wel of niet zijn. Dat zijn heftige gedachten, maar bedenk goed: het zijn slechts gedachten, het is niet de waarheid. Praat erover met je huisarts of een coach van MHS. Heb je zelfmoordgedachte? Bel dan met 0900-0113.

 

Verband tussen eenzaamheid en PTSS-symptomen

Ben je nieuwsgierig naar het verband tussen eenzaamheid en PTSS-symptomen?* Hieronder beschrijven we de belangrijkste conclusies uit het onderzoek van Tilburg University. Vorig jaar deed deze universiteit onderzoek naar eenzaamheid bij mensen die een traumatische gebeurtenis hebben meegemaakt. Uit het onderzoek blijkt dat mensen met zeer ernstige PTSS-symptomen meer last van eenzaamheid hebben dan mensen met zeer weinig PTSS-symptomen. Dat is nadelig, omdat eenzaamheid zowel de fysieke als de mentale en emotionele gezondheid ondermijnt. Lees het volledige onderzoek in het magazine: Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology: Van der Velden PG, Pijnappel B, & van der Meulen E. (2017).

 

Wil je meer weten over de werkwijze van Merk Hoe sterk? Neem contact op ons op via 085 – 1306355 of info@merkhoesterk.com

 

*Bronvermelding: www.ggznieuws.nl

 

 

‘Trauma’s laten in het lichaam diepe sporen na’

Bron: https://www.rinogroep.nl/nieuws/426/traumas-laten-in-het-lichaam-diepe-sporen-na.html


Praten met getraumatiseerde kinderen? ‘Ja, maar leer ze eerst hoe ze hun lichaam kunnen kalmeren’, zegt de Nederlands-Amerikaanse psychiater Bessel van der Kolk in een interview met Augeomagazine. Hij vindt het onbegrijpelijk dat aanraking, beweging en verbeeldingskracht uit de meeste therapieën zijn verbannen. ‘Het zijn precies die elementen die getraumatiseerde kinderen helpen om zich weer veilig te voelen.’

Hij is al meer dan veertig jaar bezig met onderzoek naar trauma’s en wordt wereldwijd beschouwd als een van de belangrijkste experts op dat gebied. In het Trauma Centre in Brookline, Massachusetts, dat hij dertig jaar geleden oprichtte, ziet hij ook nog elke week patiënten. Volwassenen én kinderen. ‘Als een behandeling bij mijn patiënten onvoldoende werkt, ga ik verder zoeken. Ik heb altijd nieuwe dingen willen uitproberen.’

Als jonge psychiater geloofde Bessel van der Kolk (73) in de werking van medicijnen. Maar al snel kwam hij erachter dat zijn patiënten daar meestal niet genoeg van opknapten. Ook het effect van praten bleek beperkt. Dus ging hij op zoek naar nieuwe methodes: EMDR (herbeleving van het trauma met behulp van afleidende stimulansen zoals handbewegingen), neurofeedback (het brein belonen als de hersengolven het gewenste patroon laten zien), mindfulness, yoga, bewegingstherapie, theater.

In zijn boek ‘The body keeps the score’ – in het Nederlands vertaald als ‘Traumasporen’ − doet hij verslag van zijn decennialange zoektocht. Na al die jaren weet hij dat er niet één beste manier is om getraumatiseerde kinderen en volwassenen te helpen. Zijn wetenschappelijke onderzoek en praktijkervaring hebben hem er wel van overtuigd dat trauma’s vooral in het lichaam diepe sporen nalaten. Daar ligt volgens hem ook de sleutel om kinderen met trauma’s te behandelen. ‘Leer ze eerst om zich weer veilig te voelen in hun lichaam.’

U schrijft dat trauma’s de structuur en de bedrading van de hersenen kunnen veranderen. Kunt u dat uitleggen?

‘Uit hersenonderzoek weten we dat trauma’s kunnen leiden tot veranderingen in de hersenen. Als we schokkende gebeurtenissen meemaken of ons bedreigd voelen, zenden we instinctief signalen uit naar anderen om ons te hulp te schieten. Maar als niemand te hulp schiet of gevaar blijft dreigen, treden oudere hersengebieden in werking: de emotionele hersenen, die uit de zoogdierhersenen en de reptielenhersenen bestaan. Dan blokkeert het talige deel van het brein en schakelen we over op primitievere manieren van overleven: vechten, vluchten of verstijven. Stresshormonen zijn de motor van die reacties. Bij getraumatiseerde kinderen en volwassenen is de stressreactie chronisch geworden. Daardoor raakt het alarmsysteem in de hersenen verkeerd afgesteld.’

Wat heeft dat voor effect op getraumatiseerde kinderen?

‘Zij kunnen geen onderscheid maken tussen reëel en denkbeeldig gevaar en leven dus in een staat van constante waakzaamheid. Ze zijn bijvoorbeeld hypergevoelig voor de kleinste aanwijzingen van boosheid en reageren heel sterk op agressie van leeftijdgenoten. Een van de moeilijkste dingen is dat ze dingen hebben meegemaakt waarover ze niet kunnen praten. Omdat ze geen woorden hebben voor wat hen is overkomen, leeft het trauma zich uit in hun lichaam. Hun emotionele hersenen geven steeds signalen af dat de wereld onveilig is.’

Hoe merk je dat?

Het verbale deel van hun hersenen is als het ware afgeknepen. In tegensteling tot het rationele brein, dat zich uit via gedachtes, drukken de emotionele hersenen zich uit in lichamelijke reacties. Je krijgt plotseling hevige buikpijn, wordt misselijk, of krijgt een paniekaanval. Het lijf van getraumatiseerde kinderen is net een pingpongbal, waarover ze geen controle hebben. Ze hebben vaak geen idee waar hun heftige emoties en de spanning die ze voelen vandaan komen. Vaak weten ze ook helemaal niet wat ze voelen. Op een heel elementair niveau is hun gevoel van veiligheid geschaad.’

Is dat permanente gevoel van onveiligheid en gevaar nog wel te herstellen?

Het brein is een plastisch orgaan, de hersenen kunnen veranderen door nieuwe ervaringen op te doen, zeker als je jong bent. Dat is hoopvol. Het belangrijkste is om eerst het evenwicht op het diepste niveau te herstellen: door het lichaam te kalmeren. In ons traumacentrum laten we kinderen op een trampoline springen, schommelen, en balanceren op een evenwichtsbalk. We raken ze voorzichtig aan of slaan een deken om hen heen. Wat je dan ziet is wonderbaarlijk. Ze raken vertrouwd met hun lichaam. En als hun lichaam kalmeert, gaat ook hun taalgebruik vooruit. Lichamelijk contact, het elementairste hulpmiddel om te troosten en te kalmeren, is uit de meeste therapieën verbannen. Terwijl juist dat enorm kan helpen om je weer veilig te voelen in je lichaam, om te ervaren dat het gevaar geweken is. Als dat gebeurt, en het stresssysteem van de emotionele hersenen kalmeert, kunnen andere delen van het brein ook weer gezonder functioneren.’

Kunnen medicijnen ook helpen om traumaklachten van kinderen te verminderen?

‘Op dit moment slikken ongeveer een half miljoen kinderen in de Verenigde Staten antipsychotica. Die geneesmiddelen worden vaak gebruikt om mishandelde en verwaarloosde kinderen handelbaarder te maken. Daarover maak ik me grote zorgen. Met pillen kunnen ze zich beter beheersen en worden ze minder agressief. Maar die middelen belemmeren ook hun lust tot spelen en hun nieuwsgierigheid. Juist die drives hebben ze nodig om zich te ontwikkelen tot goed functionerende volwassenen.’

En praten over traumatische ervaringen, helpt dat volgens u?

‘Ja en nee. Het is heel belangrijk om te weten wat je voelt. Veel therapeuten proberen met kinderen en jongeren te praten over de vreselijke dingen die hen zijn overkomen. Het is fijn als iemand je verhaal aanhoort, maar dat neemt doorgaans de inprenting van angst en onveiligheid niet weg. Die heeft zich vastgezet in niet-talige delen van het brein en uit zich via het lichaam. Daarom moet de aandacht vooral gericht zijn op wat er in het lichaam gebeurt. Weet je wat je voelt? En waardoor worden die nare gevoelens getriggerd? Voor getraumatiseerde kinderen is het heel moeilijk om dat te benoemen. Wat ze voelen is zo angstwekkend, dat ze liever proberen om niet te voelen.’

Hoe kun je kinderen leren om die gevoelens te hanteren?

Vechtsporten als karate en judo leren kinderen dat ze controle kunnen hebben over hun lijf en zichzelf kunnen verdedigen. Daar worden ze minder angstig van. Yoga, mindfulness en sensomotorische therapie (waarbij de zintuigen door allerlei spelletjes en beweging worden geactiveerd, DE) zijn andere manieren om in een veilige omgeving te voelen wat er gebeurt in hun lijf. Ook tekenen helpt kinderen om het verlammende effect van traumatische ervaringen tegen te gaan. Ik werkte met kinderen die de aanslag op de Twin Towers van dichtbij meemaakten. Ik vroeg ze om een tekening te maken van die dag. Er waren kinderen die alleen naargeestige beelden op papier kregen, van rook, vuur, pijn en doden. Maar er was ook een jongetje dat een trampoline onder de torens tekende, voor een zachte landing van de mensen die moesten springen. Zijn verbeelding had de vreselijke waarheid een andere draai gegeven. Kinderen die hun verbeelding op zo’n manier kunnen laten spreken, hebben minder last van traumatische gebeurtenissen.’

Maar dat is dus niet elk kind gegeven.

‘Nee, maar je kunt kinderen wel leren zich op een veilige manier te uiten. In projecten die we op scholen doen, leren we leerkrachten om ervaringen van getraumatiseerde kinderen te benoemen. In plaats van driftbuien, dagdromen of agressief gedrag te bestraffen, moedigen we ze aan contact te maken. “Ik zie dat je van streek bent. Wil je misschien dit dekentje om je heen slaan, zodat je wat kalmer wordt? Wil je even bij mij op schoot zitten of zullen we samen heel diep ademhalen?” Als het kind gekalmeerd is, helpt de leerkracht om zijn gevoelens te beschrijven. “Wat maakte je zo verdrietig of boos?’ ‘Wat denk je dat er gebeurt als je na school thuiskomt?” Op die manier kunnen scholen functioneren als veilige eilandjes in een chaotische wereld. Beweging, spel, gymnastiek, samen muziek maken of zingen: ook dat helpt getraumatiseerde kinderen om uit hun vlucht- of vechtmodus te komen, positieve emoties te ervaren en op een plezierige manier met anderen om te gaan. Ik vind het onbegrijpelijk dat er steeds meer beknibbeld wordt op dat soort activiteiten.’

Sommige vakgenoten vinden dat er te weinig wetenschappelijk bewijs is voor de nadruk die u legt op traumabehandeling via het lichaam.

‘Voor mij is het belangrijkste dat mijn patiënten opknappen. Ik was een van de eersten die vanaf het begin van deze eeuw onderzoek deed naar EMDR. Dat is nu een geaccepteerde traumabehandeling, maar was in die tijd nog zeer omstreden. Nu denken sommigen dat ik een yoga-fanaticus ben, omdat ik daar veel onderzoek naar heb gedaan. Maar ik zie yoga vooral als een techniek die andere deuren kan openen bij getraumatiseerde mensen. Net als theater. Daar heb ik me afgelopen jaren in verdiept. Ik vind het jammer dat daar nog zo weinig wetenschappelijk onderzoek naar wordt gedaan.’

Hoe kwam u daarmee in aanraking?

‘Via mijn zoon. Die bracht de eerste twee jaar van de middelbare school grotendeels door in bed, ernstig vermoeid en opgezwollen door allergieën. Mijn vrouw en ik waren wanhopig op zoek naar iets dat hem kon helpen. Gesprekstherapie haalde weinig uit, maar toen hij ging meespelen in een theatergroep, zagen we hem opknappen. Hij ervoer hoe het is om iemand anders te zijn en een bijdrage te leveren aan een groep. Dat gaf hem een gevoel van controle, bekwaamheid en eigenwaarde. Zo raakte ik geïnteresseerd in het therapeutische potentieel van theater.

Inmiddels ben ik ervan overtuigd dat theater getraumatiseerde jongeren een unieke manier biedt om toegang te krijgen tot hun emoties en lichamelijke gewaarwordingen. Ze leren verschillende rollen aan te nemen en te zoeken naar manieren om diepe emoties over te brengen aan het publiek. Liefde en haat, agressie en overgave, loyaliteit en verraad: dat is waar het bij zowel trauma’s als theater om draait. Spelenderwijs verkennen en onderzoeken jongeren zo hun eigen ervaringen, zonder het woord trauma ooit uit te spreken.’

 

* Bessel van der Kolk, psychiater

Prof. dr. Bessel van der Kolk (1943, Den Haag) vertrok na zijn eindexamen naar de Verenigde Staten om medicijnen te studeren. Hij specialiseerde zich als psychiater en is oprichter en directeur van het Trauma Center in Brookline, Massachussets. Daarnaast is hij hoogleraar in de psychiatrie aan de universiteit van Boston. Hij wordt beschouwd als een van ’s werelds meest vooraanstaande deskundigen op het gebied van traumabehandeling en posttraumatische stressstoornis (PTSS).

Blog – Werkhervatting na PTSS-behandeling

Blog – 28 oktober 2019.

Werkhervatting na PTSS-behandeling
Na de behandeling van PTSS verwacht een werkgever dat zijn werknemer er weer klaar voor is. De behandeling is immers afgelopen. In de praktijk blijkt dit een illusie. Een werknemer die is uitgevallen door een psychische klacht zoals PTSS, een burn-out of depressie heeft goede begeleiding nodig. En zelfs dan is het de vraag of de betreffende medewerker kan terugkeren in zijn of haar oude functie. In deze blog vertellen we je alles over werkhervatting na een PTSS-behandeling.

Ben je er klaar voor?
Bij Merk Hoe Sterk (MHS) helpen we mensen hun leven op te pakken na PTSS, een depressie of burn-out. Terugkeer naar werk is daar een onderdeel van. Hierbij staan de mogelijkheden van de cursist centraal. Heeft iemand bijv. nog veel last van nachtmerries, emoties, een kort lontje, voedingsproblemen of concentratieproblemen? Dan kan dat een reden zijn om nog niet te starten met het re-integratieproces. Het is belangrijk dat deze primaire behoeften eerst adequaat worden aangepakt. Denk aan een goed dagritme, balans in het gezin, gezonde voeding en conditie opbouwen. Dit is voor elke cursist anders, en dus maatwerk vanuit MHS.

Wat is er afgesproken?
In alle gevallen zijn er afspraken gemaakt met de bedrijfsarts, de verzekeringsarts en/of het UWV. Per cursist, en per situatie, zijn die afspraken verschillend. Het is gebruikelijk dat een bedrijfsarts een plan maakt voor werkhervatting. Het kan voor cursisten lastig zijn hun grens te bepalen en aan te geven. In dat geval kan MHS een cursist ondersteunen tijdens gesprekken met de bedrijfsarts, verzekeringsarts of het UWV.

Is terugkeer naar je werkgever mogelijk?
In eerste instantie wordt er gekeken of er tijdelijk, eigen of andere passende arbeid mogelijk is bij de huidige werkgever. Denk aan een politieagent die tijdelijk kantoor werk gaat uitvoeren. Als blijkt dat terugkeer in eigen werk niet meer volledig mogelijk is, wordt er gekeken naar een andere duurzame oplossing bij de eigen werkgever, dit wordt het 1e spoor genoemd. In het 1e spoor wordt er gekeken naar het aanpassen van de werkplek, aanpassen van de functie, gedeeltelijke werkhervatting en/of het wijzigen van de werktijden. Als ook dat aantoonbaar niet lukt wordt er pas gekeken of een andere passende functie bij de eigen werkgever tot de mogelijkheden behoort.

Wat als terugkeer niet mogelijk is?
In sommige situaties is terugkeer naar de werkgever niet mogelijk. Wat gebeurt er dan? Het is goed om te weten wat je rechten en plichten zijn. Je hebt o.a. recht op loondoorbetaling van tenminste 70% gedurende twee jaar, vaak meer maar dat is afhankelijk van de cao. Er wordt van je verwacht dat je jezelf inspant voor herstel en actief meewerkt aan het re-integratie proces. Ook heb je recht op begeleiding naar ander werk buiten de eigen werkgever. MHS kan hier een rol inspelen. Daarnaast staan we cursisten bij tijdens gesprekken met bijv. het UWV een bedrijfsarts of arbeidsdeskundige.

Een passende baan vinden?
Bij MHS begeleiden we cursisten in eerste instantie naar werk bij hun huidige werkgever. Lukt dat niet dan kijken samen met de cursist naar de mogelijkheden voor het vinden van een geschikte andere werkgever. Hierbij maken wij vaak gebruik van re-integratie bureaus die begripvol zijn inzake de complexe achtergrond. Dit zijn belangrijke stappen in het herstelproces.

Wil je meer weten over de werkwijze van Merk Hoe sterk? Neem contact op ons op via 085 – 1306355 of info@merkhoesterk.com

 

Experimentele behandeling hardnekkige depressie met psilocybine van start

Patiënten met een hardnekkige depressieve stoornis die onvoldoende baat hebben bij behandeling met antidepressiva kunnen in aanmerking komen voor een experimentele behandeling met psilocybine. Het UMCG en UMC Utrecht voeren deze behandelingen uit. De bewustzijnsveranderende stof is ook wel bekend als ingrediënt van sommige paddenstoelen en truffels. De patiënten ondergaan een ‘gecontroleerde’ behandeling met als gewenst eindresultaat: het doorbreken van de negatieve gedachten en het verminderen van de zeer sombere stemming waar zij mee worstelen.

Op dit moment behandelen artsen patiënten met depressieve klachten veelal met gesprekken (psychotherapie). Indien nodig krijgen zij ook antidepressieve medicatie. Veel mensen hebben daar baat bij maar voor sommigen betekent het een lange zoektocht naar een werkzame behandeling.\

“Deze hardnekkige depressies zijn een groot probleem voor patiënten en hun naasten,” vertelt psychiater en hoogleraar Robert Schoevers van het UMCG. “De afgelopen jaren vonden geen grote doorbraken plaats in de behandelingen. Een behandeling met psychedelica lijkt voor deze groep patiënten echter hoopgevend. Deze middelen hebben een ander werkingsmechanisme dan de huidige antidepressiva en het effect zou ook veel sneller kunnen optreden. Maar er is veel wat we nog niet weten. Daarom is het heel belangrijk om onderzoek te doen naar de behandeleffecten bij deze patiëntengroep.”

Begeleiding

Het onderzoek van de twee academische ziekenhuizen, dat deel uit maakt van een internationaal onderzoek, bestaat uit een eenmalige sessie, voorafgegaan en gevolgd door meerdere individuele gesprekken. Tijdens deze sessie neemt de patiënt een hoeveelheid psilocybine. Twee speciaal getrainde therapeuten begeleiden de daaropvolgende ervaring. De sessie wordt samen met de therapeuten voorbereid en achteraf vindt een uitgebreide evaluatie plaats.

Effecten

Psychiater Metten Somers van het UMC Utrecht: “We maken dus gebruik van de bewustzijnsveranderende stof psilocybine. Dat stofje helpt om vaste denkpatronen te doorbreken. Daarnaast versterkt en verandert psilocybine de manier waarop kleuren en geluiden binnenkomen. Ook is het gevoel van tijd heel anders. De ervaring duurt in totaal zo’n 4 tot 6 uur.”

Uit eerdere studies komt naar voren dat er na 1 sessie een acute en aanhoudende verbetering van depressieve symptomen is te zien. Bij een aantal deelnemers houdt deze verbetering tot zes maanden na de sessie aan. Schoevers: “Naast de effectiviteit en veiligheid van psilocybine bij mensen met een depressieve stoornis, kijken we ook naar welke dosering het meest effectief is. Uiteindelijk is het doel van deze experimentele behandelingen om depressieve klachten te verminderen, met mogelijk blijvend resultaat.”

Gevaren

Een behandeling is niet zonder risico’s. “Maar als je de middelen in een gecontroleerde omgeving gebruikt, zijn ze niet gevaarlijk”, zegt Somers. “De behandelingen worden uitsluitend gegeven in aanwezigheid van ervaren én getrainde therapeuten. Want tijdens een sessie is het mogelijk dat een patiënt angst of verwarring ervaart. De therapeuten zijn getraind om hiermee om te gaan.”

In de thuissituatie experimenteren met paddenstoelen of truffels als behandeling voor depressie raden de artsen dan ook ten zeerste af. “De periode van angst en verwarring kan langer duren. Het is bovendien nog onduidelijk welke dosering het meest effectief is.” Ook is er nog weinig bekend over hoe mensen met een depressieve stoornis reageren op psilocybine.

Onderzoek

De studie vindt plaats in Nederland (UMC Groningen en UMC Utrecht) en een aantal andere ziekenhuizen in Europa en Noord-Amerika, waaronder Engeland, Ierland, de Verenigde Staten en Canada. In totaal zullen 216 patiënten deelnemen. De planning is dat in maart de eerste patiënten in Nederland met deze experimentele behandeling kunnen starten. Deelnemende patiënten worden geselecteerd via verwijzers, waaronder huisartsen, psychiaters en GGZ-instellingen.

De studie wordt gefinancierd door COMPASS Pathways, een life sciences bedrijf dat zich wijdt aan het versnellen van toegang tot evidence-based innovatie in de geestelijke gezondheidszorg.

Bron: RUG

23 oktober 2019

Trimbos – eenzaamheid en psychische aandoeningen

Het verband tussen eenzaamheid en psychische aandoeningen.

Volwassenen die zich eenzaam voelen hebben een groter risico om een ernstige stemmings-, angst- of middelenstoornis te ontwikkelen dan niet-eenzame volwassenen. Dit is één van de bevindingen uit recent onderzoek van het Trimbos-intituut.

Uit eerdere studies bleek al dat eenzaamheid verhoudingsgewijs vaak voorkomt bij mensen met een psychische aandoening. Er is echter minder kennis over de volgtijdelijke relatie. Is eenzaamheid een risicofactor voor het ontstaan en voortduren van een psychische aandoening. Of is het omgekeerde het geval? Wij deden onderzoek naar deze volgtijdelijke relatie. Hiervoor zijn NEMESIS-2 gegevens gebruikt van de circa 4.000 volwassenen die deelnamen aan de derde en vierde meting van dit grootschalige bevolkingsonderzoek naar psychische gezondheid.

Eenzaamheid als risicofactor
Bij de personen zonder een psychische aandoening bleek eenzaamheid een risicofactor te zijn voor het drie jaar later ontwikkelen van een ernstige stemmings-, angst- of middelenstoornis. Ook wanneer rekening werd gehouden met andere relevante factoren, zoals sociaal-demografische kenmerken, lichamelijke gezondheid en negatieve levensgebeurtenissen. Daarnaast bleek eenzaamheid bij de personen die al een psychische aandoening hadden, het risico te verhogen dat er na drie jaar nog steeds sprake was van een ernstige stemmings-, angst- of middelenstoornis.

Psychische aandoening als risicofactor
Omgekeerd bleek dat mensen met een ernstige stemmings-, angst- of middelenstoornis een verhoogde kans hadden om drie jaar later gevoelens van eenzaamheid te hebben ontwikkeld, ook na controle voor de invloed van andere factoren. Bij de personen die zich al eenzaam voelden had het hebben van een psychische aandoening geen invloed op het voortduren van eenzaamheid.

Implicaties
Hulpverleners dienen alert te zijn op eenzaamheid, zowel bij volwassenen met als zonder psychische aandoeningen. Daarnaast is meer onderzoek nodig naar verklarende mechanismen voor de gevonden verbanden om effectieve interventies te ontwikkelen.

De bevindingen van het onderzoek zijn gepubliceerd in Social Psychiatry and Psychiatric Epidemiology. 
Lees de samenvatting van het artikel

Bron: trimbos.nl 

2 oktober 2019 

Blog – Traumabehandeling, hoe ziet dat eruit?

Blog – 3 oktober 2019.
Bron: 
https://www.michellecoenen.nl/inspiration/traumabehandeling-hoe-ziet-dat-er-nou-uit/

Traumabehandeling, hoe ziet dat er nou uit?

Zoals jullie weten behandel ik onder andere trauma’s en somberheidsklachten. De cijfers omtrent PTSS (Post Traumatische Stress Stoornis) en Depressie liegen er niet om. Voor velen is de wereld vaak omgeven door een donkere, zware, grijze deken. En pas als rockbottom wordt geraakt, komt er een hulpverlener in beeld. En dan begint het helingsproces, maar soms, wordt de wereld eerst zwart.. 

Binnen mijn eigen praktijk, maar ook de huisartsenpraktijken waar ik actief ben kom ik veel mensen met PTSS of depressieve klachten tegen. Geregeld bestaan beide diagnoses naast elkaar. Het een sluit het ander namelijk niet uit. Volgens de cijfers maakt over de Nederlandse bevolking ongeveer 80 % een heftig incident mee, daarvan ontwikkelt 10 % daadwerkelijk PTSS. En meer dan de helft van de mensen zonder behandeling heeft na 5 jaar nog ernstige klachten (link).

Sinds 2018 word ik door RaNed en Merk hoe Sterk ingezet als traumapsycholoog. Grote trajecten over heel Nederland, allen even ingrijpend en veelal schrijnende verhalen. Voor deze trajecten kom ik vaak bij de mensen thuis en raak nauw betrokken in de levens van deze mensen. En hierdoor is het soms lastig om deze trajecten niet te dichtbij te laten komen. Want los van het feit dat deze trajecten gekoppeld zijn aan grote ongevallen, verlopen deze trajecten niet altijd even soepel.

In het begin van een traumatraject wordt er vaak niet direct traumatherapie ingezet, iemand verkeert nog in shock en dient eerst de ‘normale’ klachten en consequenties op eigen kracht te aanvaarden en verwerken. Als er dan resterende psychische klachten blijven bestaan, wordt het traumatraject ingezet en kom ik in beeld. In het begin komen advocaten, verzekeringen, maatschappelijk werkers, letselschade medewerkers etcetera wel al in beeld. Een therapeut dus wat later. Voor de clienten zelf, is het een grote rollercoaster. Je maakt iets mee wat de rest van je leven verandert, en er komt super veel op je af. Probeer tijdens deze rollercoaster aan emoties, afspraken, verplichtingen en ook nog eens al die nieuwe mensen, het overzicht mentaal te behouden.

Zoals ik al vaker heb beschreven is de zorg in Nederland, en dan spreek ik vanuit mezelf met name over de GGZ, schrijnend. Het draait veelal om geld en welke professionals zetten we in. Hierdoor komt echter de acute zorg, die zo nodig is in traumatrajecten, in het gedrang. Er worden keuzes gemaakt door verzekeraars en letselschade behartigers, en dan komt het nogal eens voor dat er maar een beperkt aantal uren beschikbaar zijn. Dus je hebt net het vertrouwen opgebouwd met je client, en dan kun je alweer stoppen, je kunt begrijpen hoe ongunstig is dit voor een traumabehandeling.

Het zou gunstiger zijn als de lijntjes tussen behartigers, clienten en behandelaars kort worden gehouden. Nu merk ik zelf dat de bedrijven waar ik mee samenwerk dit gelukkig wel doen. Maar zelfs daar, stagneren trajecten als nog. En daar kan ik dan wakker van liggen. Want je hebt te maken met clienten die al in zo’n kwetsbare situatie verkeren, en dan moet je ook nog eens wachten op een goedkeuring van bovenaf. 

Los van hoe ik hier als behandelaar mee omga, zijn er ook vrienden en familieleden van nabestaanden van een ingrijpende gebeurtenis. Hierboven beschrijf ik al dat je hele leven op zijn kop staat cq verandert na zo’n situatie. Je kunt niet meer terugkeren of het veranderen. En de omgeving vindt het vaak lastig om hierin mee te bewegen. Clienten verkeren in een dusdanige kwetsbare situatie, dat het minste of geringste kan uitmonden in een conflict. Clienten willen niet in een slachtofferrol blijven hangen, maar dit is vaak ook sterk afhankelijk van hoe je omgeving met ze omgaat.

Traumabehandelingen zijn mijn zwaarste, maar tevens ook de trajecten waar ik de meeste voldoening uit haal. Maar wat er bij komt kijken kan nog veel in verbeterd worden. Daarom ben ik blij met de mensen die zich bij RaNed en Merk Hoe Sterk inzetten voor dit soort trajecten, die ook zo nauw betrokken zijn, en alles geven. 

Liefs,
Michelle

Gedicht – Vragen

Gedicht van een cursist.

Vragen:
Wat is goed, wat is slecht?
Wie is fake, wie is oprecht?
Wat kost het om ten onder te gaan?
Wat is de waarde van het opstaan?
Hoe lang is het pad naar innerlijke rust?
Hoe ver ligt de woeste zee van de kalme rust?
Wat is de afstand van iemand tot mijn hart?
Is de finish te behalen na een valse start?

Traumavrij, beloont voor je harde werk,
Wauw, mens wat ben je opeens sterk.
Zelf inzicht en wat een kracht,
Vol zelfvertrouwen een gevoel van macht.
Stabiel, vrolijk, de zon die alleen maar schijnt,
Totdat deze plots achter een grote donkere wolk verdwijnt.
Terwijl het begint te regenen door alles wat er nog ligt, jij niks meer kan zien is Merk Hoe Sterk daar voor het zicht.
In de vorm van actie en een toereikende hand,
Bereik je stap voor stap het beloofde land en al lijkt het einddoel nog zo ver en klein, ze stoppen niet totdat ze daar met je zijn.

Blog: Gezonde voeding belangrijk voor herstel na PTSS

Een gezond voedingspatroon draagt bij aan je lichamelijke en geestelijke welbevinden. Je hebt meer energie en bent minder vatbaar voor ziektes. Bij veel van onze cursisten zien we de grote invloed van voeding. Tijdens een stressvolle periode is eten vaak een emotionele reactie op psychische klachten. Sommige mensen hongeren zichzelf uit, anderen ontwikkelen een eetverslaving of krijgen vreetbuien. In deze blog vertellen we je het een en ander over de invloed van voeding op het herstelproces na PTSS. 

Lichamelijke en geestelijke klachten

Na de behandeling van PTSS wordt ervan uit gegaan dat mensen hun leven weer oppakken. In de praktijk zien we dat mensen vaak niet meer in staat zijn te functioneren zoals voorheen. Ze hebben last van lichamelijke en geestelijke klachten, waaronder angsten, depressieve gevoelens, nachtmerries en voedingsproblemen. Om ervoor te zorgen dat mensen hun leven weer op de rit krijgen heeft Merk Hoe Sterk (MHS) een nazorgtraject ontwikkeld, waarbij aandacht besteed wordt aan voeding. Uit onderzoek blijkt dat gezonde voeding van grote van invloed is op een voorspoedig herstel.

Invloed van een gezond eetpatroon

Tijdens het nazorgtraject bespreken we eetgewoontes die je ontwikkeld hebt. Samen bekijken we welke invloed ze hebben op je dagritme en hoe we dat kunnen verbeteren. Door op gezette tijden te ontbijten, lunchen en dineren zorg je voor structuur. Bovendien geef je hiermee het goede voorbeeld aan je kinderen. Het is belangrijk dat je goed voor jezelf en je gezin zorgt. Eten is daar een belangrijk onderdeel van. Tijdens het nazorgtraject horen we vaak terug dat mensen zich fitter voelen doordat ze hun eetgewoontes verbeteren. Ook zien we dat mensen een gezond gewicht bereiken en weer vooruit durven te kijken.

Invloed van gezonde voeding

Naast een dagelijks eetritme is het ook belangrijk gezond te eten. Je lijf heeft bepaalde vitaminen, mineralen en eiwitten nodig om goed te kunnen functioneren, zowel fysiek als emotioneel. Tijdens het nazorgtraject besteden we dan ook veel aandacht aan gezonde voeding. We horen vaak terug dat mensen zichzelf beter voelen doordat ze gezonder eten. Het geeft ze nieuwe energie, en juist die energie is belangrijk voor het herstel na PTSS.